incentro web logo
Blogs
Header robot krijgt thee
Blog6 min read

De Autonomous Enterprise: 5 niveaus om te bepalen waar je staat

Karsten

Karsten Marijnissen

Field CTO

Shape

Een agent bouwen wordt steeds makkelijker. Je bedrijf ermee laten draaien? Not so much. We onderscheiden vijf niveaus op weg naar een volwaardige AI-native Autonomous Enterprise. Ze laten zien waar je organisatie nu staat, wat je al aan agents kunt overlaten en welke stappen nodig zijn voor je rustig achterover kunt leunen.

Een chatbot op de website, een paar Copilot-licenties bij sales en een pilot bij finance. Veel organisaties doen inmiddels wel ‘iets’ met AI, maar aan de manier waarop het bedrijf werkt verandert vaak nog weinig.

AI wordt dan vooral toegevoegd aan bestaande werkzaamheden. Terwijl je er veel meer mee kunt als je ook naar de processen zelf kijkt.

Anders gezegd: Elk proces dat van vóór het AI-tijdperk stamt, is eigenlijk legacy.

Dat betekent niet dat ieder bestaand proces de prullenbak in kan. Wel dat het de moeite waard is om opnieuw te bekijken welk werk mensen doen, welk werk AI-agents kunnen overnemen en hoe je processen daarop inricht.


Wat is een Autonomous Enterprise?

In een Autonomous Enterprise voeren AI-agents zelfstandig taken en delen van processen uit. Ze gebruiken data en context om werk uit te voeren, autonoom beslissingen te nemen en vervolgacties in gang te zetten.

Mensen bepalen de doelen en kaders en blijven betrokken bij beslissingen waarvoor hun kennis of oordeel nodig is. Dat kan op verschillende plekken in de organisatie. Een agent kan bijvoorbeeld klantvragen afhandelen of inkomende orders verwerken. Als meerdere agents samenwerken, kunnen ze verschillende stappen binnen één proces uitvoeren en werk aan elkaar doorgeven.

Wat levert dat op?

  • Betere service, ook buiten kantooruren. Agents kunnen klantvragen via chat of voice afhandelen en daarbij rekening houden met wat er eerder is besproken.

  • Minder handmatig werk. Agents kunnen terugkerende taken overnemen, informatie verwerken en werk doorzetten naar de volgende stap in een proces.

  • Meer halen uit je data. AI kan patronen herkennen in je data en bijvoorbeeld (sales)kansen of afwijkingen signaleren die anders makkelijk over het hoofd worden gezien.

  • Meer tijd voor werk waar mensen nodig zijn. Laat agents het repetitieve werk doen, zodat medewerkers minder tijd kwijt zijn aan zoeken, overtypen en andere routineklussen.

Stap voor stap werk je toe naar een organisatie waarin agents onderdeel zijn van de dagelijkse operatie. Wij onderscheiden daarin vijf niveaus.


De vijf niveaus

De weg naar een Autonomous Enterprise is een trap, geen lift. Elk level bouwt voort op het vorige. Sla je er een over, dan bouw je op drijfzand.

5-stappen-autonomous-enterprise

1. Operational Control: weet hoe je bedrijf draait

Breng eerst in kaart welk werk wordt gedaan, door wie, in welke systemen en volgens welke processtappen.

Bij veel organisaties zit een deel van die kennis in hoofden, mailboxen en losse spreadsheets. Dat maakt automatiseren lastig: je kunt geen werk verantwoord aan een agent overdragen als niet duidelijk is hoe dat werk nu wordt uitgevoerd.

Op dit niveau leg je daarom processen, rollen en afhankelijkheden vast. Zo wordt zichtbaar waar handmatig werk zit en welke onderdelen zich lenen voor automatisering.


2. Operational Intelligence: weet hoe je processen presteren

Een procesbeschrijving vertelt je nog niet waar het goed of fout gaat. Daarvoor heb je inzicht nodig in de uitvoering. Waar ontstaan wachttijden of knelpunten? Welke handelingen worden vaak herhaald? Waar komen uitzonderingen voor? Welke gegevens zijn nodig om een beslissing te nemen?

Daar hoort bruikbare data bij. Een agent kan alleen werken met informatie waar hij toegang toe heeft en waarop hij kan vertrouwen. Ontbrekende, verouderde of slecht toegankelijke data beperkt wat je met agents kunt automatiseren.

Op dit niveau breng je processen en data bij elkaar en bepaal je waar automatisering zinvol is.


3. Applied Intelligence: zet agents in op afgebakend werk

Nu kunnen agents daadwerkelijk taken overnemen. Begin met een proces waarvoor duidelijk is wat de agent moet doen en welke systemen en data daarvoor nodig zijn. Bijvoorbeeld een agent die inkomende orders uit verschillende formaten verwerkt in je ERP, of een agent die routinevragen van klanten afhandelt.

De agent krijgt daarmee een vaste plek in een bestaand proces. Je kunt volgen wat hij doet, waar menselijke tussenkomst nodig blijft en of de gekozen toepassing in de praktijk werkt. Zo worden agents onderdeel van de dagelijkse operatie in plaats van een los experiment.


4. Orchestrated Intelligence: laat agents samenwerken

Op het volgende niveau werken agents niet meer alleen aan afzonderlijke taken. Ze geven informatie en werk aan elkaar door en voeren samen meerdere stappen van een proces uit.

Neem een inkomende order. De ene agent kan de gegevens verwerken, waarna andere agents vervolgstappen uitvoeren rond bijvoorbeeld voorraad, logistiek of facturatie. Mensen worden betrokken bij stappen waarvoor controle of beoordeling nodig is.

Daarvoor moeten agents niet alleen hun eigen taak goed uitvoeren. Ook moet duidelijk zijn welke agent waarvoor verantwoordelijk is, welke informatie wordt gedeeld en wanneer een mens moet ingrijpen.

Zo breidt automatisering zich uit van losse taken naar processen die over meerdere systemen of afdelingen lopen.


5. Autonomous Enterprise: laat delen van de operatie zelfstandig draaien

Op het hoogste niveau kunnen agents binnen vooraf bepaalde kaders processen uitvoeren, informatie uitwisselen en acties in gang zetten zonder dat een medewerker iedere stap hoeft te starten.

Mensen bepalen de doelen, grenzen en uitzonderingen. Ze grijpen in wanneer een situatie buiten die kaders valt of wanneer menselijk oordeel nodig is.

Een deel van het werk verschuift daarmee van uitvoeren naar aansturen, controleren en omgaan met uitzonderingen.


Waarom je geen niveau overslaat

De verleiding is groot om meteen naar niveau 3 te springen. Een agent bouwen is tenslotte leuker dan processen in kaart brengen. Maar een agent die draait op processen die niemand snapt en data die niet klopt, automatiseert vooral de chaos.

De volgorde werkt zo:

  • Zonder grip (1) weet je niet welk werk je kunt overdragen.

  • Zonder inzicht en goede data (2) heeft een agent niks om op te bouwen.

  • Zonder bewezen losse agents (3) is orkestratie een luchtkasteel.

  • Zonder samenwerkende agents (4) blijft autonomie beperkt tot eilandjes.

Dat betekent niet dat je jaren moet wachten op resultaat. Je kunt prima op niveau 3 je eerste agent live zetten voor één proces, terwijl je de basis voor de rest van de organisatie op orde brengt. Zolang je maar weet op welk niveau je staat, en wat de volgende stap is.


Waar staat jouw organisatie?

Misschien draaien er al agents in productie. Misschien zijn er vooral pilots en losse AI-tools. Of je bent nog bezig om processen en data geschikt te maken voor de eerste toepassingen.

De vijf niveaus helpen om daar structuur in aan te brengen: wat heb je al geregeld, wat kun je nu verantwoord automatiseren en wat is nodig voor de volgende stap?

Wil je weten waar jouw organisatie staat en welke stap logisch is? Plan een afspraak met Edwin hieronder, dan brengen we het samen in kaart.

Deel dit

Edwin Nooijen

Vraag het Edwin

Edwin Nooijen

Business Development